Naar overzicht columns 2004



Werkloosheidbestrijding door overheidsinvesteringen?

Door J.F.Besseling

Met grote hardnekkigheid wordt vooral vanuit de socialistische hoek de stelling geponeerd dat de economische theorie leert dat de overheid de werkloosheid zou kunnen bestrijden door niet te trachten het begrotingstekort laag te houden. Hierbij wordt dan vaak verwezen naar Keynes, een econoom, die Roosevelt adviseerde de crisis van de dertiger jaren in de vorige eeuw aan te pakken met grote investeringen in overheidsprojecten. De grote werkloosheid verminderde, maar verdween pas echt als gevolg van de tweede wereldoorlog.

Wanneer de industriële aktiviteit sterk toeneemt worden er natuurlijk meer arbeidsplaatsen geschapen, maar de toeneming van de productie zal alleen mogelijk zijn bij een gelijktijdige toeneming van de vraag naar goederen. Aangewakkerd door de opbouw van de wapenindustrie vóór de oorlog (vooral in Duitsland en Rusland) en tijdens de oorlog in de USA en Engeland, zette de grote industriële aktiviteit zich voort na de oorlog, geinitiëerd door de wederopbouw.

Financiering van industriële aktiviteit door de overheid, in vredestijd veelal begeleid door bescherming van de eigen productie met tariefmuren, zal voor niet-winstgevende aktiviteit al gauw leiden tot begrotingstekorten. Volledige werkgelegenheid (lees: schaarste van aanbod van arbeid) leidt bij collectieve belangenbehartiging door vakbonden zonder overheidsingrijpen tot onevenredige loonstijgingen, gevolgd door prijsstijgingen (inflatie). De staatsschuld wordt hierdoor in waarde kleiner, maar dat gaat ten koste van de spaargelden en de pensioenen. Handhaving van een door overheidsfinanciën gegarandeerd sociaal zekerheidsstelsel zal door premiedruk de loonkosten verder aanjagen of zal de begrotingstekorten van de overheid verder opvoeren. Wordt voor het eerste gekozen, dan zal de werkgelegenheid afnemen. Wordt voor een vergroting van het begrotingstekort van de overheid gekozen, dan is dit wel een vergroting van het tekort dat niet meer door inflatie effektief zal worden verminderd. Dit tekort zal met de bijbehorende rente de jonge generatie gaan achtervolgen doordat steeds minder middelen beschikbaar zullen zijn voor uit de belastingen afkomstige dekking van sociale voorzieningen en van onderhoud van de infrastructuur van het land. Onvoldoende onderhoud van de infrastructuur zal direct en indirect ernstige gevolgen hebben voor de werkgelegenheid.

Zijn dit nu onaanvechtbare uitspraken, conclusies van een wetenschappelijke, d.w.z. verifiëerbare theorie? Neen, de economie is geen wetenschap als de mechanica. Economen, geinspireerd door de mogelijkheid wiskundig de voorspellingen van modellen te berekenen, hebben hun inzichten in zulke modellen tot uitdrukking gebracht, met onze Tinbergen als een grote voortrekker. Maar als de voorspellingen al eens enigszins leken uit te komen werd dit resultaat meteen overschaduwd door mislukkingen. Net als bij de modellen van de Club van Rome worden de modellen van het Centraal Planbureau telkenmale getroffen door het door Popper geformuleerde ontkrachtingsbewijs van een wetenschappelijke theorie: toepassingen van de theorie, waarvoor de theorie niet opgaat. Zeker over een termijn van enige jaren zijn economische voorspellingen onbetrouwbaar, waarbij voor insiders de niet-lineariteit van de afhankelijkheden een praktisch onoverkomelijk obstakel voor verbetering van de modellen blijft. Het doorberekenen van programma’s van politieke partijen door het Centraal Planbureau levert dan ook niet meer dan een korte termijn indicatie van de invloed van bepaalde maatregelen (een eigenschap van gelineariseerde modellen). Het is eerlijker te erkennen dat de wereldeconomie onderworpen is aan een eigen autonome ontwikkeling, afhankelijk slechts van in hoeverre burgers van een land met initiatief en gezond verstand om kunnen gaan met de hun ter beschikking staande middelen.

Door de deelneming in de EU en door de globalisering van de economie is een beinvloeding van de economische aktiviteit in eigen land door te spelen met de overheidstekorten voor de Nederlandse overheid nauwelijks meer mogelijk. Dit geldt ook voor de grotere landen van de EU, al kunnen de politici in b.v. Duitsland en Frankrijk daar nog maar niet aan wennen. Dit is ook de ratio achter het euro-stabiliteitspact. Voor het verzorgen van de essentiële overheidstaken, onderhoud van de infrastructuur en behoud van een humanitair verantwoord sociaal zekerheidsstelsel, moeten de overheidsfinanciën zonder tekorten kunnen steunen op een doorzichtig systeem van belastingen, dat voldoende ruimte laat voor particulier initiatief in de globale concurrentiestrijd, met de in de wereld beschikbare grondstoffen als inzet.

Maar had Keynes dan niet een heel andere opvatting over begrotingstekorten van de overheid? Hieronder een samenvatting door een leerling van hem.

As a pupil of Keynes I naturally look back on him chiefly as a man of ideas, and it will be for his ideas that he will be longest remembered. Although he wrote extensively on monetary theory and inflation, especially in his early years, it was the problem of unemployment that came to dominate his thinking. In the 1930s he saw unemployment in terms of a deficiency of demand, for which additional government investment and cheaper credit were the obvious cures. Even when, in the post-war world, excess demand became the more usual state of affairs, his prescription of demand management remained appropriate, although pushed far beyond the 5% level of unemployment that he had taken to represent full employment. As he had foreseen, inflation was aggravated by the steady rise in money wages--posing a problem to which he had no solution and one that he regarded as political rather than economic.

What he could not have foreseen were the many other problems that have arisen, associated not with a failure of demand but with the international flow of capital and rapid structural change affecting the demand for labour of different kinds, in a labour market itself undergoing rapid change. It would be absurd to suppose that Keynes, who never said the same thing for long, would fail to make entirely new proposals after 50 years.

2 juni 2004

 


Terug naar boven

Webstats4U - Gratis web site statistieken Eigen homepage website teller Webstats4U - Gratis web site statistieken Eigen homepage website teller Webstats4U - Gratis web site statistieken Eigen homepage website teller