Naar overzicht columns 2006

Is Nederland of de Nederlander een xenofoob

Keer op keer worden we geconfronteerd met termen als racist, fascist, xenofoob en meer van dat fraais, zodra mensen zich kritisch uitlaten over anderen, voornamelijk vreemden, die in dit land zijn komen wonen en zich niet aanpassen aan de mores van het land.

Partijen die zich kritisch uitlaten over knelpunten in onze samenleving, de verloedering en verpaupering van bepaalde wijken in voornamelijk de grote steden, die groepen die gekend grote percentages van de overlast veroorzaken bij naam noemen, worden afgeschilderd als confronterende en stigmatiserende partijen die aanzetten tot onverdraagzaamheid en zelfs het woord haat wordt niet geschuwd.

Hoe racistisch is ons volk en hoe groot is het gevaar dat we daadwerkelijk discrimineren op basis van huidskleur, naam, geloof en daarmee specifieke groepen expliciet uitsluiten van onze samenleving en maatschappij, ze als het ware isoleren en negeren.

Wie de Nederlandse TV ziet, zal een palet van kleuren en namen tegenkomen van bekende Nederlanders met een bepaald niet Hollands kleurtje of uiterlijk, gewaardeerde deelnemers van onze samenleving en prominent op de buis aanwezig. Wie de moeite neemt enkele toonaangevende kranten te lezen ziet een keur van allochtone columnisten en commentatoren die hun zegje plegen over ons land en het buitenland.

Loop eens door steden en zie de keur van allochtone winkels en bedrijven, die vreemd genoeg niet of nauwelijks de moeite nemen zich in de Nederlandse taal te manifesteren, maar zich voornamelijk richten op de eigen bevolkingsgroep afkomstig van het land van herkomst.

Als we dan ook meenemen hoe gul en groots Nederland keer op keer bij rampen in het buitenland zonder beperkingen massaal in de buidel tasten en met enorme bedragen of persoonlijke initiatieven de nood helpen lenigen, zelfs als het landen betreft waar al decennia lang miljarden heen verdwijnen, zonder zichtbaar resultaat, zal zich realiseren dat dat niet in overeenstemming is met de stelling dat Nederland en de Nederlander voor 60% zich schuldig maakt aan discriminatie en met vooroordelen tegenover vreemden rondloopt.

Historisch gezien heeft Nederland altijd een bijzondere positie ingenomen op het gebied van ontwikkelingshulp, opvang van vluchtelingen en wie de moeite neemt de etnische samenstelling van de smeltkroes Nederland te bekijken ziet een ruim pallet van Spaanse, Portugese, Franse, Duitse, Poolse, Hongaarse, Joodse, Engelse, Canadese invloeden, aangevuld met een breed contigent oud Indische invloeden, zoals Molukkers, Javanen maar ook Papoea’s en Zuid Amerikanen, Antilianen, Surinamers enz.

Wie de moeite neemt om om zich heen te kijken ziet al die invloeden rijk gevarieerd en geschakeerd terug in onze samenleving en waren er nimmer grote problemen met integratie of acceptatie. Sterker nog velen werden zeer gewaardeerde en toonaangevende burgers van dit land, werden succesvolle ondernemers of bekleden hoge posities.

Oh we waren echt niet bepaald terughoudend en soms zelfs heel banaal in het bedenken van scheldnamen, maar vaak was dat wederzijds, we noemden mensen blauwe, jood, mof, patateter, aap, baviaan, pinda chinees en meer van dat fraais, soms uitermate kwetsend, soms geheel geïntegreerd in onze taal, conform onze nationale sport alles te verzuilen.

Want ooit waren we sterren in het beschimpen van anders denkende of gelovigen, zo werden katholieken papen genoemd, wie op de PvdA stemde of sympathiseerde was een rooie, een VVD’r was natuurlijk een zakkenvullende ondernemer en onze Joodse gemeenschap waren natuurlijk allemaal slinkse handelaren.

Niemand werd om deze uitlatingen vermoord, en jawel er werden heuse veldslagen in het miniatuur gevoerd door jongeren, zoals tussen openbare schooljeugd en zij van het bijzonder onderwijs. Je trouwde meestal binnen je eigen cultuur, want twee geloven op een kussen daar sliep de duivel tussen, maar van discriminatie werd niet of nauwelijks gesproken, terwijl je echt geen enkele kans maakte als atheïst op een christelijke school, of als werknemer van rode huize bij een katholiek bedrijf.

We leefden naast en ook door elkaar, meer en meer verdween de oude verzuiling, maar het aard van het beestje bleef hetzelfde, de Nederlander spotte altijd met de ander en vooral als het anders, vreemd of nieuw was, dan konden we aardig uitpakken, maar stonden ook klaar om in nood mensen warm en ruimhartig te ontvangen, dan werden de onderlinge vermeende verschillen eenvoudig opzij gezet en waren we één volk, één natie vol van compassie en met een ruim en groot hart.

Binnen in dit piepkleine land maken we al verschil tussen Zeeuwen en Brabanders, tussen Limburgers en Friezen, tussen Groningers en het Gelderse of kijk even binnen de randstad, waar de eeuwig strijd tussen Amsterdam en Rotterdam en het Haagse ertussen tot op heden voor haat en nijd zorgt, voor wedijver en elkaar de loef afsteken.

Is dat rassenhaat, is dat discriminatie, ach zuiver gezien wel, maar het is meer een volksaard, waarbinnen ineens een compleet nieuw element zich voordoet met alle vreemde gevolgen van dien, mensen c.q. groepen, die onze samenleving, onze aard en wijze van maatschappelijke en bestuurlijke inrichting, zelfs onze wetten en omgangsvormen, afwijzen en hun eigen traditionele manier van leven en religieuze wetten boven die van hun nieuwe land stellen.

Zij beschouwen hun oude land, als vaderland, onze samenleving en maatschappij en dus ons land als een kweekvijver voor hun religieuze opvattingen en wetten, die boven die van ons worden gesteld. Men klaagt over gebrek aan respect, terwijl Nederland traditioneel van oudsher altijd respect heeft gehad voor vele religies en opvatting, maar nimmer bereid was de eigen wetten ondergeschikt te maken aan die van de nieuwkomers.

De Joodse gemeenschap heeft eeuwenlang ongestoord haar sabbat kunnen vieren en hun koosjere eten kunnen klaar maken, zonder dat er problemen van enige omvang waren. Boeddhisten en vele andere religieuze groepen konden ongestoord hun geloof uitoefenen, maar allen hielden zich aan de regels van het huis, de regels van Nederland, ze beschouwden dat als hun nieuwe vaderland.

Wie rondkijk en wijn kent weet dat ieder land, iedere streek een eigen wijn en eigen smaak heeft, je zou al die wijnen samen kunnen voegen, maar ik vrees dat die wijn niet te drinken zal zijn en smaken naar azijn, ook water bij de wijn doen is een slechte zaak, want vroeg of laat is de wijn verwaterd en heeft alle smaak, kleur en geur verloren.

Nederland is verre van xenofoob, maar wel een land waarin mensen elkaar konden aanspreken, waar spot en humor naast nuchterheid stonden. De nieuwe burgers kunnen niet tegen spot en humor, nuchterheid is hen vreemd. Retoriek en dramatiek zijn de vervangers geworden van de spreekwoordelijke nuchterheid. Religie en religieuze wetten zijn hun bakens, niet onze samenleving.

Respect kun je afdwingen, door je daden en door je inzet, maar niet door bedreigingen en al helemaal niet door slachtoffer te spelen, waar je de dader bent. Ouders dragen verantwoording voor hun nageslacht, wie zich onttrekt aan de Nederlandse samenleving om terug te vallen op de eigen gebruiken en regels, maakt van zichzelf een outcast, een buitenbeentje en moet niet klagen dat de maatschappij, lees de bevolking en het bedrijfsleven, zijn restricties hebben tegen hen die diezelfde samenleving afwijzen en de rug toekeren.

Het vernielen van kruizen, het uitschelden van vrouwen en meisjes, het discrimineren van de vrouw, het beschamende optreden tijdens aanslagen en het vernielen van kransen tijdens herdenkingen zijn nu niet bepaald de basis om respect mee af te dwingen en te verkrijgen.

Nederland xenofoob, gek dat men dat ons wil wijsmaken, vreemd dat WIJ ons moeten aanpassen aan de nieuwkomers, daar waar Homo’s zich thuis voelen in Nederland, zoals Nederland op veel terreinen een verlicht en tolerant land was en is, maar tolerantie kan en mag niet gelijk worden gesteld met onderwerping en verloochening van de eigen identiteit voor een ander entiteit, die zich nogal gauw achtergesteld en genomen voelt.

Nederland is een smeltkroes, een land met een rijke historie op het gebied van multicultureel samenleven, een land van zuilen, van samenleven met verschillen, hoe kan men het presteren om de Nederlandse samenleving als xenofoob te beschouwen, of is de nieuwe religie alleen tevreden als heel Nederland verislamiseert is volgens de strenge geloofsleer en dan wel graag even vooraf melden welke stroming we moeten volgen.

Want waar de Islam regeert zijn er aanslagen, moordpartijen, zuiveringen en bestrijden de twee hoofdstromingen elkaar te vuur en met het zwaard. Nee xenofoob is het Nederlandse volk niet, maar wij hebben de beeldenstorm allang geleden uitgevochten en hebben geen behoefte aan een nieuwe religieuze strijd. Het zal ons een zorg zijn wat en hoe u gelooft, zolang wij vrij zijn om onze tradities en feestdagen te vieren, zolang wij onze eeuwenlang opgebouwde tolerante samenleving maar niet hoeven in te ruilen voor de eisen van andersdenkenden die indruisen tegen alles waar ons land ooit voor gestreden heeft.

Xenofoob en racisme hoe praat je een volk een schuldcomplex aan, voor dingen en zaken die ze niet hebben gedaan, maar ja het weg met ons schijnt een nationale sport van regenten te zijn, de semi intellectuelen gehuisvest in hun villa dorpen en marktconforme vergoedingen, ver weg van de gewone man en vrouw in de straat.


 

Deze pagina afdrukken

 Voor Uw commentaar, op of aanmerkingen ga naar Het Prikbord

 

 

Terug naar boven

web site analysis
web site tracker