![]()
Manilla of ander natuurlijk touw is te preferen, maar ook met het tegenwoordige synthetische geslagen touwen kun je mooie knopen maken, alleen is het natuurlijke materiaal prettiger om mee te werken
Voor de bindsels en takelingen gebruikten we geteerd bindtouw.
Voor het doornaaien van de matten gebruiken we nylon takelgaren
1. Hennep
Vezels uit de stengel van de hennepplant (Cannabis). Herkomst: Italië,
Amerika, Rusland, ook Duitsland (Nederland niet meer). Vezels l—2 meter
lang. Toepassing: Overal, behalve voor schoten.
2. Manilla
Vezels uit de stam van een wilde bananensoort (Musa). Herkomst: Filippijnen,
Antillen, Nieuw Zeeland. Vezels van 2 meter lengte en langer. Toepassing: Overal,
behalve voor schoten.
3. Sisal
Vezels uit de bladeren van een agavesoort (Agava). Herkomst: Mexico, Oost Afrika.
De vezels zijn korter en stugger dan die van hennep en korter dan die van manilla;
het touwwerk van sisal is dientengevolge ruw en weinig soepel; het is goedkoop,
maar niet aangenaam om te hanteren. Toepassing: Ankertrossen, landvasten, sleeptrossen.
4. Kokos
Vezel uit de buitenschil van de kokosnoot. Herkomst: Tropische kuststreken.
De vezels zijn kort en ruig, echter slap en zeer licht, zodat kokostouwwerk
drijft.
Toepassing: Sleeptrossen (de drijvende tros is gemakkelijk op te pikken en blijft
klaar van de schroef van de sleper!), landvasten.
5. Katoen
Zaadharen van de katoenboom (Gossypium). Herkomst: Verenigde Staten, Egypte.
Vezellengte 2 tot 5 cm. Zeer soepel, rekt echter sterk. Toepassing: Schoten,
vlaggelijnen, bindsels op kleine boten, ook rijglijnen enz.
6. Nylon (Enkalon; Perion)
Kunstvezel. Zeer licht, zeer duurzaam en van grote breeksterkte (breekvastheid);
ongevoelig voor vocht en rot derhalve niet; zeer soepel, maar zeer elastisch.
Toepassing: Vanglijnen, landvasten, sleep- en anker-trossen, spinnakerschoten,
halvewinderschoten; voor toepassing als fokke-, genua- of grootschoot is de
grote elasticiteit storend.
7. Dacron (Terylene; Terlenka)
Kunstvezel. Vele eigenschappen als van nylon, maar zonder de zeer grote elasticiteit
daarvan. Ook verkrijgbaar met een stroef — op katoentouw gelijkend —
oppervlak.
Toepassing: Daar waar elasticiteit muider gewenst is; dus ook voor schoten van
aandewindse zeilen.
8. Polyethyleen (Nymplex)
Kunstvezel. Licht (blijf drijven op het water), neemt geen water op, rot niet,
soepel. Betrekkelijk jong produkt. Toepassing: Landvasten, sleeplijnen, enz.
9. Polypropyleen
Kunstvezel. Sterker en hittebestendiger dan polyethyleen. Nieuwste produkt en
verkocht als PP touw (monofilament), Toplon (multifilament), Danaflex (poly-gespleten
film) en Primaflex (geblazen film). De breeksterkte van PP is 1,7 – 2
keer sterker dan die van manilla, het drijft, heeft een hoge slijtvastheid,
soepel en prettig om mee te werken, Erg gevoelig voor bleek- en oplosmiddelen
en ook erg UV gevoelig.
10. Staaldraad
Een verhaal appart, ook hierin zijn diverse soorten en combinaties te verkrijgen
en allen hebben zo hun specifieke eigenschappen.
Gegalvaniseerd taai (kroezen)staal; roestvrij staal.
Toepassing: staand want; vallen, dan echter vaak met een daarop gestoken end
van plantenvezels.